ProRail schenkt detectiesysteem Gotcha aan Het Spoorwegmuseum
Bezoekers van Het Spoorwegmuseum kunnen vanaf eind november van dichtbij
zien hoe het risico op een mogelijke ontsporing van een trein kan worden
teruggebracht. In het museum staat het Gotcha systeem. Het systeem signaleert
gebreken bij treinen tijdens de treinrit, meet de wielcondities en het
gewicht van de trein. De bezoekers van Het Spoorwegmuseum krijgen een
beeld van drie generaties Gotcha sensoren. De werking hiervan wordt op
interactieve wijze uitgelegd in een proefopstelling op het onlangs vernieuwde
achterterrein van Het Spoorwegmuseum.
De aanleiding
Aanleiding voor dit nieuwe museumstuk is de oplevering van het Quo Vadis
project waarbinnen Lloyds Register in opdracht van ProRail op 45
strategisch gekozen locaties in het Nederlandse spoorwegnet Gotcha systemen
heeft geïnstalleerd. Het Gotcha systeem past goed in het onlangs
vernieuwde achterterrein van Het Spoorwegmuseum. Het achterterrein heeft
de officiële naam Werkterrein Utrecht Maliebaan gekregen.
Ter gelegenheid van de oplevering van het Werkterrein heeft ProRail een
Gotcha systeem aangeboden aan Het Spoorwegmuseum. Op het Werkterrein
Utrecht Maliebaan wil het museum bezoekers laten zien hoe de wereld
achter het spoor functioneert. Naast de bediening van seinen,
wissels en spoorbomen kan men nu ook de werking van dit moderne veiligheidssysteem
testen door zelf met een spoorkarretje over de sensoren te rijden.
Hoe werkt het?
De werking van Gotcha is gebaseerd op sensoren in de treinbaan. Daarmee
wordt gemeten hoe groot de krachten zijn tussen wiel en rail. Daaruit
kan men onder meer afleiden of het gewicht van een trein gelijkmatig verdeeld
is over de verschillende assen. Een abnormale verdeling kan duiden op
defecten aan het wielstel, het wiel of de lagers of op een verkeerde wijze
van belading. Ook signaleert het systeem eventuele wieldefecten. De vervoerders
kunnen de gegevens uit Gotcha gebruiken voor de onderhoudsplanning van
treinen. Dat betekent dat zij in een vroegtijdig stadium worden geïnformeerd
over kwaliteitsproblemen en automatisch geconstateerde gebreken. Het Quo
Vadis project is een invulling van de ambitie van de spoorsector om onder
meer het risico op ontsporingen zoveel als mogelijk te verkleinen. In
dat kader heeft ProRail bij de Gotcha meetposten ook systemen laten installeren
voor de detectie van warmgelopen wiellagers. Eind 2011 zet ProRail een
volgende belangrijke stap in het voorkomen van ontsporingen. Dan is de
zogenaamde directe signalering op basis van Quo Vadis informatie
bij de ProRail verkeersleiding een feit. Verkeersleiders van ProRail kunnen
dan bij mogelijke defecten aan goederentreinen direct opdracht geven aan
de machinisten om langzaam te rijden of om de trein stil te zetten. Zo
kan ProRail eventuele ontsporingen als gevolg van onronde
wielen en/of warmgelopen lagers vroegtijdig detecteren en mogelijke ontsporingen
helpen voorkomen.
De veiligheidsagenda goederenvervoer
In combinatie met intensievere controles op materieel draagt de ingebruikname
van de nieuwe generatie Quo Vadis bij aan het verkleinen van de kans op
ongevallen op het spoor. Deze maatregelen zijn onderdeel van de veiligheidsagenda
goederenvervoer die ProRail en Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV) hebben
ontwikkeld om het vervoer van goederen per spoor nog veiliger te maken.
De KNV leden/spoorgoederenvervoerders en ProRail zijn naar aanleiding
van een aantal incidenten op het spoor met elkaar aan de slag gegaan om
het Nederlandse spoorgoederenvervoer nog veiliger te maken. Naast extra
controles en ontsporingdetectie wordt er ook meer aandacht besteed aan
wegbekendheid voor zowel Nederlandse als buitenlandse machinisten.
3-12-2011
|